Ingezonden gedicht

Herfst.


Diep onder de dekens weggekropen,
de herfst is langzaam jouw geest binnen geslopen.

De bladeren vallen van de bomen,
aan jouw blijheid is even een einde gekomen.

Uren loop ik op jouw in te praten.
Maar wat ik ook zeg,
geen enkel woord mag baten .

Zelfs een wandeling samen,
in het bos vol warme herfstkleuren,
kan jouw gemoed niet opbeuren.

Ik sla mijn armen om je heen,
misschien voel jij je dan niet zo eenzaam, niet zo alleen.

Heel even zie ik bij jouw een traan,
laat ze maar komen,  hou ze niet tegen,
laat je maar gaan.

Kom maar bij mij, bij mij mag je huilen,
In mijn armen, kun jij altijd schuilen.

En als de herfst uit jouw geest is verdwenen,
gaan wij samen de winter tegemoet.
Want ik weet, jouw herfst duurt maar even,
en uiteindelijk komt alles wel weer goed.

Marianne.
vorige gedicht
Volgende gedicht